Soroban

In het kader van ‘wat moet je dáár nou weer mee?’: ik heb een soroban gekocht, een Japans telraam.

Tot op de dag van vandaag leren Aziatische kinderen op deze abacus rekenen, en de methode is dermate snel en betrouwbaar dat ook volwassenen haar vaak verkiezen boven die van een electronische calculator. Ik las over de soroban in het leuke boekje Rekenen is voor de Dommen van liefhebber van pre-computerale rekenmachines Nico Baaijens, en het minimalisme van het instrument spreekt me op de een of andere manier aan.

Het basisprincipe is namelijk erg simpel. In plaats van tien kralen zoals je in westerse telramen meestal ziet, heeft de soroban er per stokje maar vijf, verdeeld door een middenbalk in vier respectievelijk één. De kralen onder de middenbalk heten ‘aarde’ en tellen van 1 t/m 4; de kraal erboven heet ‘hemel’ en staat voor 5. Om de kralen ‘waarde’ te geven schuif je ze naar de middenbalk toe, en op die manier kun je dus op één stokje alle cijfers van 0 t/m 9 weergeven:

Nou, en daarmee kun je dan aan het rekenen slaan. Mits bedreven kan men met een soroban optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, delen, worteltrekken en de geisha speelse klapjes geven. Hoe precies, daar ben ik me nu over aan het inlezen (pdf). Nee, je hebt er geen fluit aan, maar vermaken dat ik me ermee doe!

Zelf eens proberen? Dat kan hier (of hier, als u liever de suanpan heeft, de Chinese voorloper). Een uitgebreide handleiding vindt u bijvoorbeeld hier, talloze demonstraties zijn te vinden op Youtube. Kopen? eBay!

U-Ram Choe update

Wat ik u niet verteld had is dat ik U-Ram Choe ook een mail heb gestuurd, met mijn kritiek in iets beleefdere bewoordingen dan hieronder. Ik verwachtte eigenlijk geen antwoord terug, maar zojuist heb ik dat wel degelijk gekregen en nu schaam ik me voor mijn haastige oordeel.

Hij schrijft dat het erg moeilijk voor hem is geweest om in Korea informatie over het Latijn te krijgen, dat hij inderdaad met woordenboeken werkt en assistentie heeft van een katholieke student, maar klaarblijkelijk is dat niet genoeg. De reden dat hij Latijn gebruikt in plaats van Koreaans is dat hij niet wil dat de titel zijn werk beïnvloedt, iets waar ik me in kan vinden. Maar hij is ook een perfectionist en zou dus graag zien dat zijn titels correct zijn. Of ik hem daarmee misschien kan helpen, of iemand ken?

Het zij duidelijk dat de eer mij gebiedt hem mijn diensten aan te bieden, hoe gebrekkig die ook mogen zijn. Bij dezen.

Cave Custodem Cavumi

Tja. Ik wìlde dus een post plaatsen over de betoverende organische creaties van de Koreaan U-Ram Choe (site doet het niet goed in Firefox). Zoals deze hier:

Of deze:

Maar nu wordt de taalman in mij ernstig in vertwijfeling gebracht. Het geval wil namelijk dat U-Ram zijn organismen ‘scientific names’ meegeeft in het Latijn, zoals bijvoorbeeld ook Theo Jansen doet met zijn Strandbeesten. Alleen: dat Latijn rammelt van de fouten. Custos Cavum en Arbor Deus hebben een nominatief waar een genitief vereist is (Custos Cavi, Arbor Dei); Nox Pennatus moet vrouwelijk Pennata zijn; Occultus Libramentum had onzijdig Occultum moeten hebben en zou in die vorm bovendien niet ‘Pendulum of Secret’ betekenen maar ‘Verborgen Gewicht’; Opertus Lunula Umbra moet Operta Lunae Umbra zijn om de vertaling ‘Hidden Shadow of Moon’ te laten kloppen. Etcetera.

Ik weet het, het zal wel elitair van me zijn en pedant en wat niet al en ik kan zelf geeneens goed Latijn ook nog eens. Maar andererzijds vind ik dus namelijk wel dat als je modieus interessant over je kunst wilt doen, dat je dan tenminste zorgt dat je je grammatica in orde hebt. Kijk, er is altijd nog de mogelijkheid dat Choe expres een soort neplatijn gebruikt (‘Una Lumino Portentum‘ is toch nauwelijks meer aan onweet te wijten, zou men zeggen), maar het ruikt er veeleer naar dat hij klakkeloos een woordenboek heeft opengeslagen en zonder verdere omhaal de woorden in hun citeervorm heeft overgenomen, oftewel de nominatief enkelvoud. En daarmee valt U-Ram van supertoffedingenmaker in één klap in de categorie ‘sneue tatoeage‘.

Zo zonde vind ik dat altijd, kunstenaars die menen hun werk met quasi-intellectueel gebazel kracht te moeten bijzetten, terwijl het tegendeel het resultaat is. En terwijl het zulk sprookjesachtig mooi werk is! Laat dat gewoon voor zichzelf spreken man, en hou verder je hoofd erover.

Pret met paleografie

Het verschil tussen goede en slechte websites is dat eerstgenoemde vaak significant beter zijn dan laatstgenoemde. Mediaeval Writing is bijvoorbeeld een voorbeeld van een slechte website, des te frustrerender omdat de geboden informatie wèl heel erg de moeite waard is, maar dermate chaotisch gepresenteerd dat je na drie muisklikken al niet meer weet waar je je bevindt.

Gelukkig kan het dus ook goed, zoals de site Script Tutorials van de Brigham Young University. Je kunt van Mormonen zeggen wat je wilt, ze leveren in ieder geval piekfijn werk af: een prachtig opgezette set handleidingen over paleografie en oude schriften uit allerhande landen, inclusief (binnenkort) Nederland, goed om zich de rest van de week een delirium aan te vermaken. Compleet met doe-het-zelf tests, geanimeerde lettervoorbeelden en proefopgaven toe! Daar houden wij van.

Cursief Amerikaans

Vond ik de bewoners van het mini-staatje Sütterlin (tussen Liechtenstein en Andorra – goed zoeken) al raar schrijven, de oudere generatie Amerikaan kan er ook wat van. Zojuist verneem ik dat dit:een hoofdletter G is.

Typisch overzeese gewoonte, naar het schijnt, en tanende ook. Britten kennen het in ieder geval evenmin als ik, met als gevolg dat de Daily Mail de jongeman hieronder voor niet zo snugger uitmaakte. Waar ze op zich een punt hebben, maar dan om andere redenen dan zijn spelkunst:

Dus. Goh. Zo leert men elke dag iets nieuws. De I en de Q zijn ook een beetje mal:

    

Via The Language Log.

Instant update: De commentaren werpen de plausibele hypothese op dat, gezien de knullige verhoudingen van de letter in kwestie, er op het onderhavige voorhoofd aanvankelijk wel degelijk een J stond, die nog net op tijd in een – dan maar cursieve – G is veranderd. Toch niet zó snugger dus.

Drabje leert taal

Ik wist wel dat ik het niet van een vreemde had, taal. Maar gewoon van mezelf dus, in pasgeboren versie welteverstaan. Kijk, uit de onlangs in mijn bezit gekomen dagboeken van mijn moeder:

4 februari 1979: Dinsdag 30 januari ontdekte Dirk, dat kleine Dirk aan ’t “praten” was: boe boe ba bo. Duidelijk aan ’t oefenen.

24 mei 1979: Hij doet je nu in alles na. Klakken met z’n tong, hoofd scheef, brr doen met z’n tong tussen z’n lippen (vooral met een hap joghurt in z’n mond). Vandaag zei hij voor ’t eerst woordjes na. Mammammam, pappappap. t.t.t.t. Ontroerend.

zomer 1979, … z’n eerste woordje “die” zeggen (huilend, lachend, vragend, alles is die). […] O ja, in Amsterdam nog naar de dierentuin geweest. Het eerste half uur was enig. Eendjes kijken, wasbeertjes, geluiden nadoen. Kakkak (eenden). De klok doet ie trouwens al maanden na ti-ti. […] Ik ben memmem en Dirk is pappa. De poes heet mew en de hond wff.

8 december 1979: Taal: Bis – vis + iedere voorstelling die op een vis lijkt; koekkoek – koek (alles wat lekker eetbaar is); ballebal – bal, ballon, lamp e.a. bolvormige voorwerpen; mi mi – poes; piepie – vogel; uit – aan. uit. (licht, kleding), ergens in-uit willen; tita, tikke takke – klok.

13 februari 1980: Geliefde uitdrukkingen zijn: Een tee hoppekee, mooi hè, uit […] appetoel (paddestoel – aardappel).

25 april 1980: Taal Dirkje: Pikkiepaas – pindakaas; toffies – pantoffels; jokkert – joghurt; o konijne – speelgoedbeest; pollood – potlood; pikkie pau – egel; o microfone – microfoon; koppe thee – kopje thee; ponan – ?; ool – oor; haal – haar; bellie – bril; dodo – slapen; malelieves – madeliefjes; paleboeme – paardebloemen; sienappel – sinaasappel; paufel – powerful.

30 juli 1980: Dirkje praat als brugman, zegt alles na wat men tegen hem zegt. De meest moeilijke woorden spreekt hij perfekt uit: papegaai, sinaasappel, sap-pers, maaimachine e.d. Hij vormt echt al zinnetjes zoals: Pappa taxi rijden, mamma eten klaar maken, mamma tekenen, Dirkje zand spelen.

13 augustus 1980: Dirkje begint zinnetjes te zeggen. “Mamma komt zo.”

januari 1981: Pappa’s gezicht is gebroken (lijnen) (rimpels), moet je een beetje lijm gebruiken. Kwam hem een keer zoekend naar lijm in de kamer tegen.

4 februari 1981: Opmerking Dirkje: Pappa is een grote baby. Begint hele lange zinnen te zeggen, soms met verleden tijd, en conclusies te trekken. “Gisteren hebben we de kippetjes gezien.” Terugblazen = ballon leeg laten lopen.

augustus-september 1981: Buigbroodje = croissant; prengel = handvat van een paraplu; windzak = scherm van de paraplu; mamma die auto slaapt = dek over de auto heen; speedraam = raam van een speedboot; franse w.c. = w.c. met gat i.d. grond.

18 april 1983: Uitspraak Dirkje tijdens onze ziekte: Nee niet uit onze glazen drinken, dan word je ziek. Dirkje: nou dan drink je toch gewoon uit mijn glas dan word je weer beter.

Nouja, en de rest is geschiedenis.

Zelfvereeuwiging voor Gevorderden

Ja, dat is natuurlijk allemaal best leuk, meneer Jobs, op de voorkant van een biografie staan die ook nog eens over u gaat. Maar die heeft iedereen volgende maand uit en dan bent u weer vergeten. Zet dan gewoon meteen in op de betere blijfwaarde, zoals vader hier.

Zo doe je dat. Mèt Alditas.

Tablet

Wat ik nou weer bij het petunia’s wieden aantref. Een hele kleitablet!

De voorzijde leest: DI-ru3-ka, zoon van DI-ru3-ka, {zoon van} DI-ru3-ka, broeder van tu-NIS2 van PU-[ur]-ma4-RE-en-du1-um, betuigt hierbij {z}ijn [onkunde] in […] schrijven(?) van spijker[schrift].

De achterzijde is een beetje enigmatisch: bovenaan staat ta-rabbu-KI7-ku-rum, wat zoiets betekent als “prut-amfibie”. Het woord eronder is nog onduidelijker; ik kan er niets beters van maken dan “tjilp dit”. Zal wel iets mythisch wezen.

Kern me!

Voor de typonerds onder ons (ja, jij daar): test uw esthoptisch vermogen in dit kerning*-spelletje!

* Kerning, in het Nederlands ook ‘overhang‘ of ‘aan-/afspatiëring‘ genoemd: het aanpassen van de onderlinge afstand tussen letters zodat ze prettig voor het oog staan. Zo staat er in het eerste NAVY hieronder veels te veel witruimte tussen de A en de V. Typografen houden pas op met trillen als het eruitziet zoals in de tweede versie.

(via Boing Boing)

Skwerl

Wjo Amsterdam. Ol mooi ste scheve ahl – ej jonge jonge je we a-a-a-a-a-aáal kleine broekie wie ze te spele. Met zo’n klein bril zo jijl zitte te klote, gobe. Wat je krijgt, op gémoment ko ste schote, kijk wat die ah-jonges met die kleine, pijpekoppe kon je wo op-op-op opgese, opge, opgespoten gebied.

Oftewel:

(Want deze kende u nog.)