Endangered Alphabets

Dankzij een collega leer ik zojuist over de Atlas of Endangered Alphabets. Fascinerende schriftsystemen wier voortbestaan onzeker is, van soms beduidend creatieve aard!

Kijk dit dan bijvoorbeeld: Ditema tsa Dinoko, een ornamentief schrift waar je dingen in Bantoetalen mee kunt schrijven. Je zou toch zweren dat een zekere bepaalde niet nader genoemde onderhavige taalverzinblogger dat bedacht heeft.

Of het minstens zo onpraktische maar daarom niet minder speelse Avoiuli uit Vanuatu, geïnspireerd op zandtekeningen die in één vloeiende lijn dienen te worden getrokken:

Maar ook allerhande “gewone” schriften die al vele eeuwen meegaan. Zoals Hanunuo van de Filipijnen:

Of het Chinese Nüshu, van oudsher louter gebruikt door vrouwen:

En nog veel meer wonderlijks. Ik zou zeggen, blader eens lustig in de rondte daar (er is ook een blog), en overweeg eventueel om een steentje bij te dragen aan het behoud van deze unieke schriften, en daarmee het cultuurgoed van de mensen die ze gebruiken.

Geplaatst in Be- en verwonderingen, Schrift, Taal, Video | Een reactie plaatsen

Vincent Bijlo en Ger Jochems over Borát (o.a.)

Vincent Bijlo, Ger Jochems en een radio

Ik kwam langs de podcast Hallo Hier Hilversum door Vincent Bijlo en Ger Jochems, gewijd aan de afgelopen eeuw (gerekend vanaf 2019, want de pod is alweer geruime tijd uit de cast) Nederlandse radio. Goedgemutst gekeuvel over fragmenten van weleer, ik vind het wel vermakelijk.

Maar dat ze dus ook een itempje aan Borát besteden, dus dat mijn keiharde fans (ze komen nog altijd af en toe langswaaien) dat vast ook wel leuk vinden. Bij dezen:

Dit is een plaatje. Ik weet niet hoe je een podcast embedt. Klik op het plaatje.

PS. En ik deel volmondig mijns vaders kritiek (“Wij noemden dat gewoon radioreportages”) inzake het spuuglelijke woord podcast. Kennewedaarniewatandoendan? Inzendingen graag naar Postbus 6, 1200 AA te Hilversum.

Geplaatst in Borát, Geluid | 7 reacties

Taaldrab 38: Deze coronatijd

Klein taalobservatietje (tietje, hihihigiechel): in deze wonderlijke tijd kom je geregeld opmerkingen tegen van de vorm in deze x tijd[en], waarbij x dan bijvoorbeeld voor “moeilijke”, “vreemde”, “beangstigende”, “klote-” of “corona-” kan staan. Waar mij een intrigerend discrepantietje (gigigignuif) treft, in de zin van taalgevoelreactie.

Kijken of u ’m ook ervaart. Vergelijk:

  1. Sterkte in deze moeilijke tijd.
  2. Sterkte in deze coronatijd.

Bij zin 1 blik of bloos ik taalmatig op geen enkele wijze. Dank dank, wij doen ons best. Tegen zin 2 echter roept mijn onderbuik: Hoezo alleen deze coronatijd? Krijg ik geen sterkte in de volgende?

Uiteraard, ik snap heus wel dat dat niet de bedoelde strekking van zin 2 is. Maar vanwaar dan dat verschil in respons van mijn talige antennetje (gniffeldegnif – o wacht, die is helemaal niet grappig) ten opzichte van zin 1, waar zich eenzelfde flauwe repliek in het geheel niet aandient?

Het antwoord is voor mij in ieder geval niet: bij zin 1 heb je een bijvoeglijk naamwoord (moeilijke) en bij zin 2 een samenstelling met een zelfstandig naamwoord (corona-), want dan zou ik dezelfde reactie moeten hebben op Sterkte in deze klotetijd. Wat niet het geval is: die vind ik volstrekt onopmerkelijk.

Ook met het sterkte heeft het niets te maken: m’n reactie is dezelfde op alle varianten van deze coronatijd, of het nu om harten onder riemen, de zon op je gezicht of geurkaarsen gaat.

Dus wat speelt hier precies? De oplossing zal ongetwijfeld iets van doen hebben met het beperkend versus uitbreidend gebruik van deze, maar ik ben er nog niet helemaal uit waardoor het onderscheid dan wordt getriggerd. U ideeën? Deelt u überhaupt mijn hoofdkrabbing? Benieuwd.

Geplaatst in Be- en verwonderingen, Taal | 9 reacties

Flutschrift

Wat ik u aan zelfbedachte schriftsystemen toon is meestentijds van tottevredenheidstemmende of dan toch tenminste daartoepotentiebiedende aard.

Onvermijdelijkerwijs echter ligt de berm van de weg naar glorie, triomf & succes rijkelijk volgestort met karnemelkpakken, babypoppenrompjes en pisvlekmatrassen, oftewel de ideeën die echt te flauw, lelijk of inspiratieloos zijn om als langgediend schriftbedenker zelfrespectabel mee uit de hoek te kunnen komen zetten zonder geheel terechte publiekelijke schandpaalnageling met tomaten.

Maar omdat ik vandaag een magistraal baggerhumeur heb laat ik er lekker toch eentje zien. Expres.

Daar het alfabet. U ziet, het begint al vol spruitjeslucht, want het is dus gewoon een oersaai één-teken-staat-voor-één-letter-systeem, zonder ook maar een poging tot verdere kwinken ter aanleuking. Leestekens? Cijfers? M’n rug op.

Vervolgens zijn alle letters gebouwd op exact hetzelfde vormstramien, wat in ieder Hoe Geen Stom Schrift Te Ontwerpen-handboek keihard bovenaan de lijst Don’ts staat te prijken met het Armeens als huilenswaard praktijkvoorbeeld. Dan ten slotte als kers op de vlaai zijn het ook nog eens gewoon bruut lelijke letters.

Nou, en die letters zet je dan achter elkaar zodat ze direct op elkaar aansluiten. Hoera, toch nog een halfwassen gooi naar vondstigheid. Die uiteraard al tachtig keer eerder is bedacht.

Dus. Bah.

Geplaatst in Eigen baksels, Schrift | 6 reacties

En Wandelclub Hupsa Boys als het Rode Leger

Dit is zo’n dingetje dat me al een leven opvalt, maar niet voldoende om er nu eens helder achteraan te vragen hoe & wat. Filmkenners weten dit uiteraard al sinds heugenis dus grote kans dat ik u weinig nieuws vertel, maar dan weet ik het eindelijk zelf ook eens.

Alien

Namelijk het verschijnsel dat er bij de eventuele opening credits van een film/tv-programma een reeks van de belangrijkste acteursnamen langskomt, waarbij er dan ineens bij de laatste aan wordt toegevoegd welke rol die acteur speelt. “En X als Y.” Linda de Mol. Barry Atsma. Gijs Scholten van Aschat. Birgit Schuurman. En Philip Freriks als Abe Lenstra. Bijvoorbeeld.

Of hier een echt geval, op 0:53 in Indiana Jones and The Last Crusade:

Waarom wordt dat “als huppeldepup” erbij vermeld? En waarom krijgen we dat alleen van de laatste naam in de lijst te weten en van de rest niet?

Nou. Hierom. In het filmwezen is het kneiterbelangrijk op welke plaats een acteur in de lijst genoemd wordt, want geld en poen en doekoe. Billing heet zoiets, het woord zegt het al. Dus, iedereen wil op de eerste plaats, die natuurlijk voor de duurste en belangrijkste acteur is gereserveerd, in casu onderhavicu Harrison Ford. Op de tweede plaats staan is al een stuk sneuer (“Denholm Elliot”? Ohh, die), laat staan op de derde want dan ben je gewoon een van de zovelen die nog volgen.

The Wicker Man

Dus wat moet je dan als Sean Connery ook meedoet, die je natuurlijk niet tussen het grijze grauw wilt plempen maar om overwegingen des pennings ook niet aan de top? Dan plaats je zo’n belangrijke-maar-niet-belangrijkste acteur op de laatste plaats, want paradoxaliter staat de laatste plaats weliswaar later dan de voorlaatste, maar is hij vooraanstaander omdat er niets na staat. Als u me vat. In een rijtje als Annegrien, Fons en Kimberley is niet Fons de tweedst-belangrijkste, maar Kimberley, ook al komt die het derdst. Weet u dat voortaan ook als u nog eens een subtiele sneermail moet aanheffen (aan Annegrien bijvoorbeeld).

Psycho

Wel, en om zo’n ere-eindpositie in de credits dan nog wat extra uniekte te verschaffen kun je er nog iets bij zetten. Doet er in feite geen fluit toe wát er staat. Bekend van James Bond, hadden ze eventueel kunnen doen, maar de traditie is om dan de gespeelde rol te vermelden. Wel zo relevant.

Ik zou niet weten hoe ver die traditie terugreikt; mogelijk ver. Dat weten eerdervermelde filmkenners ongetwijfeld haarfijn, hen kennende compleet met nadere klovingen tussen de Radicaal-Postcitizenkanisten en het Vrijzinnig-Mélièssianistische Handgekleurdcelluloidbroedersgenootschap. Ofzo.

The Spy Who Loved Me
Geplaatst in Aantrefsel, Be- en verwonderingen, Kunst & nijverheid, Video | 5 reacties

cmykwave

Vers ideetje voor een zot schriftsysteem. Uitgebreidere uitleg komt later want ik sta op het punt naar het ouderlijk eiland af te varen om daar eens naar hartelust te verjaren, maar het idee is even snel als volgt.

Elke letter van het alfabet bestaat uit een drietal stippen in CMYK-kleuren: cyaan, magenta en geel. Stippen kunnen ook overlappen, in welk geval ze elkaar subtractief opkleuren tot rood, groen, blauw en/of zwart:

Vondelpark schrijf je dan bijvoorbeeld zo:

Maar de gein zit hem er vervolgens in dat de stippen met elkaar worden verbonden, en wel zodanig dat cyaan altijd op cyaan aansluit, magenta altijd op magenta en geel altijd op geel. Aangezien sommige stippen dus overlappen geeft dat allerlei complexe situaties:

De stippen laat je dan verder gewoon weg:

En tot slot kun je de lijnen nog wat vloeiender maken, zodat het eindresultaat eruit ziet als drie door elkaar heen lopende golven, eentje in cyaan, eentje in magenta en eentje in geel. Vandaar cmykwave:

En zulks kan dan natuurlijk vanzelfsprekend ook in drie dimensies. Dat was het eigenlijke idee, maar daarover dus ergens in de toekomst.

Geplaatst in Eigen baksels, Schrift | 6 reacties

Ito

Ito door Victor Voermans

Anders haal ik Drabkikker nooit in” zegt-ie. Mag ik éven opwerpen dat dit geldt als een inhaling van minstens tien van mijn talen c.q. schriften? Wauw, kijk dit dan gaaf in elkaar zitten! Aanschouw het nieuwe schrift Ito van Victor Voermans.

Een haiku in Ito

Inclusief online zelfschrijfgenerator waarvan ik niet eens zou beginnen te weten hoe je zoiets in de verste verte maakt!

Ik zeg, zeventien duimen de hoogte in.

Geplaatst in Be- en verwonderingen, Taal, Typografie | Een reactie plaatsen

Music in Eight Parts

Och och och, wat zijn we origineel hoor. Drabkikker componeert een ronduit epische orgelcompositie en meneertje Philip Glass jat meteen de hele boel bij elkaar. “Verloren manuscript na 50 jaar opgedoken”, jáá. Je moeder op een houtvlot.

Meelezen? Dat ken hier.

Edit: Goed zo. Philip heeft zijn scheve plagieerschaats ingezien en de video weer van internet verwijderd. Nou, dat siert hem. Niet meer doen hè. Hier nog een overgebleven stukje impressie:

Enfin. Hier dan mijn laatste doorbraak: Muziek In Acht Delen Maar Dan Op Een Tempo Dat Je Er Niet Bij In Slaap Valt Zoals De Versie Van Sommige Zich Noemende Gevestigde Artiesten In de Repetitivistiek.

Geplaatst in Aantrefsel, Be- en verwonderingen, Muziek, Video | 2 reacties

Triaden

Een digitaal minimaal muzikaal maaksel van eigen muzikale digitale minimaalmakelij, met een opbouw vol patronen want daar houden wij van Drabkikker van.

Het overkoepelende principe wordt verzorgd door groepen van drie tonen (triaden). Elk van de drie tonen heeft een lage, een middelhoge en een hoge variant, waardoor ze tot 3^3 = 27 mogelijke akkoorden kunnen combineren. Die akkoorden worden volgens een vooropgezet stramien doorlopen, en om het geheel onderhoudend te houden zitten er versierselen doorheen in de vorm van begeleidingspartijen, staccatotonen en percussie.

Voor een globale indruk van de structuur vervoege men zich tot ondergelegen schema. De tijdslijn loopt van links naar rechts; de drie toonbereiken zijn weergegeven in respectievelijk weegbreegroen, graprefruitoranje en zeemeerminnenblauw. Donkerder tint = meer partijen; de S’jes staan voor stukjes staccato, de P’s voor porties percussie:

Tot uwer jottemis ende puikernij!

Edit: Hee? Kleurtjes? Jep, ik heb een ietsepiets aangepaste versie geüpload, met sympathieker marimbageluid. De eerdere versie is nog steeds hier. Véél stommer marimbageluid, zeg nu zelf.

Geplaatst in Eigen baksels, Geluid, Muziek, Video | Een reactie plaatsen

Herhaling, lijstjes, herhaling

lijstjes herhaling lijstjes

Met dank aan mensen die een hekel hebben aan lijstjes, herhaling en lijstjes.

Geplaatst in Eigen baksels, Typografie | 2 reacties