Geheel in de sfeer van het heersende weertype ben ik momenteel dit spel aan het spelen: Limbo. Extreem duister en je gaat voortdurend op de onaangenaamste manieren dood, maar èrg fraai uitgevoerd en bij tijd en wijlen op een zwarte manier zelfs grappig.
De makers (Playdead, hè, knus) zijn bezig met een soortement van vervolg genaamd Inside, waar je zo te zien helemáál dystopisch van wordt, maar dan dus op een nog smaakvollere manier. Doet u mij die maar.
Update 20-10-2015: Haha, oh snert, nu heb ik een trend gezet. Hoog tijd weer voor iets met troetelbeertjes.
Lief filmpje waar Drabvader en ik gisteravond de muzikale begeleiding allerfraaist door een bevriend orgelaar met celliste van te worden geherinterpreteerd hebben mogen bijwonen.
Update 10-10-2015: Met hartelijke toezegging van de betrokkenen, hier de opname van afgelopen zondag. Dank, betrokkenen!
Om er nou zo OMGF SUPER BLOOD MOON APOCALYPSE!!1 over van de toren te tetteren vond ik niet nodig, maar ik heb er afgelopen nacht toch mijn wekker even voor op 4 uur gezet. Hij was mooi.
Nu koffie.
Aanvoegsel: En mensen die dit soortcomposieten maken snappen geloof ik niet helemaal hoe licht en de atmosfeer werken. Tip: een hemellichaam kan nooit donkerder lijken dan de omliggende hemel.
Nauwelijks gerelateerde toegift: Kijk, dit kan mijn camera dan wèl weer heel goed: bijzonnies!
Ha. Herinnert u zich de zonderlinge Gänsefuss-historie van afgelopen zomer nog? Dat ik me afpeinsde wie die man moest zijn geweest en waarom hij niet de annalen is ingegaan maar dat het woord dus Duits voor ‘aanhalingsteken’ bleek te betekenen? En dat dat grappig was?
Nou, voor wie soms dacht dat alleen kranten uit 1930 soms een beetje moeite met leestekens en hun namen hadden: het digitale tijdperk kampt er lustig mee voort – en stuurde de Taaladviesdienst op een even verbaasde zoektocht als de mijne naar de ganzenvoet.
Mag u namelijk raden wat een prandeacute is. Tip: je hebt het bijvoorbeeld nodig als je gaat solliciteren. Nee, dat helpt u niet. Lees het antwoord hier!
Ik heb zojuist dit gemaakt. Een krap drie uur durend repetitief ristrettoconcentraat van tekst en geluid uit Philip Glass’ Einstein on the Beach. Ja. Nee, weet ik ook niet nee. Het is een gave. Waarschuwing: helemaal afluisteren kan bijverschijnselen veroorzaken variërend van cerebrale uittreding tot mataglap.
Voor de overlevenden is hieronder het libretto (pdf):
En dan het volgende nerderijtje. Zoals u misschien al is opgevallen heeft Google sinds eergisteren een nieuw logo:
Strak, schreefloos & minimalistisch naar de aard van de tijd, en er is ook een heel lettertype voor ontworpen, met de naam Product Sans.
Maar er viel me direct een doorn in het oog met dat logo. Namelijk de e aan het eind. Op de een of andere manier lijkt die niet lekker in zijn vel te zitten (ook al lacht hij). Meer in het bijzonder: hij oogt te dik, en dan met name aan de linkerkant.
Ziet u dat ook? Ik weet het, het is subtiel, daar is het typografie voor. Maar vergelijk de e eens met de rode o. Is die optisch dunner qua lijn, of ligt het aan mijn cilinders?
Op het eerste gezicht heeft het daar nog de schijn van ook. Als je de linkerhelften van de o en de e namelijk eens over elkaar heen legt, moet je constateren dat laatstgenoemde helemaal niet dikker is, maar dat beide rondingen exact even dik zijn!
Dus hoe kan ik de e dan toch als gevulder in de heupen ervaren? Dat zit zo. Wat de o niet heeft en de e wel is die ‘lachende’ dwarsbalk. Oftewel: een extra lijn in het spel, en die heeft effect op onze perceptie. Ook al is er namelijk qua daadwerkelijke dikte geen verschil tussen de lijnen, voor het oog maakt zo’n toegevoegde balk het eindresultaat ‘zwaarder’ dan letters met minder lijnen op een hoop. En dat geeft visuele disbalans.
Wat je dan het beste kunt doen, maar wat ze bij Google lijken te hebben nagelaten, is compenseren voor die extra zwaarte (kleur, is verwarrend genoeg de officiële typografische term) door de ronding van de e een slagje bij te vijlen, zodat de lijn dunner wordt en de letter weer in harmonie komt met de rest. Onderstaande animatie illustreert wat ik bedoel:
Welke van deze twee e’s vindt u beter in balans met de o? Als u nummer 2 kiest bent u het eens met mijn gemodificeerde versie, waar ik aan de binnenkant wat van de ronding heb afgesnoept. Beter, toch? Gelukkig, ik dacht dat ik de enige was!
Zijn we daar ook weer uit. Ik bel Bill Gates wel even.
Appendix. Ik kom er pas net achter dat er zoiets prachtigs bestaat als het online boek Practical Typography van Matthew Butterick. Onontbeerlijke kost voor alle zichzelf serieus nemende tekstproduceerders, van leek tot kenner!
Saaie vergaderingen zijn bij mij altijd goed voor een curieus bedenksel of drie, waarvan er zo af en toe nog eentje blijfpotentie heeft ook, dus voor je er erg in hebt zit je weer met een nieuw schriftsysteem terwijl er al zes oudere lagen te verschalen.
Voor de verandering eens een schrift dat u kunt lezen, met enige goede wil althans. De letters zijn namelijk gewoon de onze, alleen dusdanig gestileerd dat men even flink moet turen om ze te herkennen. Grote kans dat ik dat concept min of meer onbewust heb gejat van de Romeinse cursief waar ik niet lang voor onderhavige saaie vergadering over had geblogd en die me intrigeerde door haar tegendraadse uiterlijk en pesterige net-niet-leesbaarheid.
Zo namelijk ook dit schrift, dat gaat onder de naam Scriptura Reclinata (met veel dank aan Bastenius voor de juiste Latijnse terminologie) oftewel ‘achteroverleunend schrift’ vanwege dat de stokken en staarten naar links hellen in plaats van naar rechts en de meeste letters een liggend boogje als basis hebben. Verder zitten er elementen in van de deutsche Kurrent, een mespuntje insulaire halfunciaal en nog zo her en der wat paleografische invloeden; een beetje hoe ons ons alfabet er in een alternatief universum ook uit had kunnen zien, als Karel de Grote in de 9e eeuw niet (maar gelukkig maar van wel) zijn beroemde minuskel had doorgevoerd.
Reclinata verkeert nog in de uitprobeerfase, maar kristalliseert langzamerhand naar een standaardvorm. Op die vorm kan rijkelijk worden gevarieerd: zo kunnen de letters extreem plat op hun rug worden gelegd, of veel meer recht overeind; de boogjes mogen rond of puntig of gradaties daartussenin, en ook in kalligrafische of expres slordige modus doet het schrift het goed. Mocht u een poging willen wagen de hier in het rond geplaatste voorbeelden te ontcijferen (klik op de plaatjes voor grote versies – ik sta niet in voor coherentie of foutloosheid) dan volgt hieronder de huidige staat van het schrift.
Het alfabet
Voorlopig zijn er alleen kleine letters; voor hoofdletters overweeg ik gewoon een al bestaande schriftsoort in te zetten, zoals de unciaal. De letters zijn als volgt:
De rode diakrietjes bij sommige van de letters zijn bedoeld om verwarring met (delen van) andere letters te voorkomen. Voor de i, j en u zijn ze verplicht, in de overige gevallen (c, d, m, y) optioneel.
De blauwe extra vormen bij de a, b, o en s zijn optionele lettervarianten die aan het eind van woorden kunnen worden gebruikt. De s heeft twee van zulke eindvarianten, de keuze waartussen mede wordt bepaald door de vorm van de voorgaande letter:
Ligaturen zijn er ook, allemaal optioneel. Enkele voorbeelden:
Dan is er nog een horizontale verdubbelingsstreep die mag worden gebruikt in plaats van tweemaal dezelfde letter. Eventuele andere tekentjes komen daar weer boven:
Wat interpunctie betreft leen ik vooralsnog van bij ons thuis; het enige afwijkende teken is voorlopig een schuin streepje dat boven de regel hangt en multiïnzetbaar is als komma, afbreekstreep, accent aigu en apostrof:En dat is het zo’n beetje voor nu. Al het gemelde staat nog open voor wijziging, maar ’t heeft wel potentie, niet? Nadere ontwikkelingen worden op uw hoogte gehouden; in de tussentijd een sympathiek gedichtje om uw kiezen op te wetten (klik voor volledige versie):
(Desgewenst extra grote versie hier. Gek genoeg heeft ’t schrift in spiegelbeeld ook wel wat.)
Alternatieve lettervormen
Update 2017: het schrift evolueert gestaag voort en inmiddels heb ik er een paar interessante alternatieve lettervormen bij ontwikkeld. Lees het hier.
Ja, daar kom ik weer met zo’n ding dat niemand anders opvalt maar mij wel en dat ik wil weten hoe het zit maar omdat niemand erop let heeft ook niemand het zich afgevraagd en dat je dan lege blikken krijgt alsof je ze niet helemaal op een rijtje hebt wat natuurlijk ook best een beetje klopt maar ondertussen zit ik er maar mooi mee.
Dat ik namelijk geregeld (als het niet van dit soort onmeunig treurweer is tenminste) langs water zit waar men aan pleziervaart doet, en dat vrijwel alle bootjes die langsdrijven hun achtervlag aan een kromme stok hebben hangen:
Waarom is dit? Ondanks dat ik van een eiland kom weet ik hoegenaamd niets van scheepgewoonten dus het antwoord is misschien kinderlijk simpel, maar zelf heb ik de volgende hypothesen:
Gewoon, mode. Iemand is er ooit mee begonnen voor de leuk, en al die andere Gaastrajassen kalken het na.
Aërodynamica. Zo’n boot gaat natuurlijk vet veel sneller als de vlaggenstok gestroomlijnd is. Yeah.
Tegen het klapperen. Als je de stok krom maakt mept de vlag er niet de hele tijd zo hinderlijk tegenaan.
Tegen het vastwapperen. Ik zag namelijk ook een bootje langskomen met recht vlaggenstokje, waar de vlag wel vier keer omheen gewikkeld was geraakt door de wind, daarmee zijn hele vexillologische bestaansreden tenietdoend.
Ik vind mijn hypothesen in oplopende volgorde aannemelijk. Voor opties 3 en 4 spreekt ook dat ik bij tenminste één gelegenheid heb gezien dat de kromme stok op een scharnierpunt stond gemonteerd dat meedraait met de windrichting, dus misschien doen ze dat allemaal wel:
In welk geval de zaak wel zo’n beetje als opgelost mag worden beschouwd. En deze blogpost dus per saldo niet nodig was. Nou, maar dan heb ik er nog wel eentje voor u hoor, net zo makkelijk: Waarom zit bij treinseinen groen bovenaan en bij stoplichten onderaan?
Succes! (En ‘gewoon, mode’ accepteer ik niet als antwoord, ook niet als het het goede is.)
Zo, we zijn weer terug hoor, van een bijzonder genoeglijke week op een zonnig, welriekend en overdadig copieus Terschelling. Precies op tijd voor het volgende.
Vroege bezoekers aan mijn ouderlijk huis herinneren zich het bestaan ervan misschien nog, de legendarische beelden van een tweejarig Drabkikkertje in wording tijdens een dagje naar het strand. Vandaag op 9 augustus is het precies 35 jaar geleden dat mijn ouders het filmpje schoten; een gepast moment dus om het materiaal hernieuwd aan u te presenteren. Omdat we ons op het internet en in een gevoelig tijdgewricht bevinden moet ik u de ècht beruchte scènes helaas onthouden, maar dat doet niets af aan de granieten eeuwigheidswaarde van dit epochiaanse document.
Veel dank gaat uit naar Studio Brandaris voor het digitaliseren!
[Update 23-1-2022: de Woordgenerator is er nu ook als app!]
Ferfs mu triets reeuw nieuw feu teng an taaspt hooi relts ijft schreenkt maakt wuupts gree aai tieuws heu peespt riesp aam raakst ie huw pluilps schra poe moos ui knenst sjaar kerft deu pa ork fraalf sot waup leipt waai dulmt leengst proe oeft plaug puum fraab twoe.
Ik denk niet dat veel mensen specifiek heldere herinneringen zullen hebben aan deze post van vijf jaar geleden (help, een muur tekst!), wat jammer is want het concept was leuk: een generator van Nederlands-achtige woorden met behulp van dobbelstenen en een lettergrepentabel, om de schrijnende leemte aan ongebruikte klankcombinaties in onze taal te lenigen maar uiteraard stiekem vooral gewoon voor de lol.
Geen zorg, tekstmuurvrezers, hier is een plaatje.
Maar zulks kan natuurlijk zo niet meer in tijdperken van automatisering, analoge tabellen printen waar de poes op gaat liggen en dobbelstenen die onder de piano rollen (al dan niet met medewerking van onderhavige poes). Ik wilde er altijd al eens een computerversie van maken, en nu wil het geval dat ik een tijd geleden heb ontdekt dat Excel een random-functie heeft. Nou, en als je daar dan een beetje handig mee bent (ik noem geen namen) heb je het principe in een niet al te ingrijpende handomdraai zo gedigitaliseerd.
En nòg een plaatje!
Hetgeen bij dezen dan ook! Download het Excelbestand hier en het enige wat u hoeft te doen is in een lege cel gaan staan en op de Delete-knop van uw toetsenbord te drukken of op F9; het woord wordt dan ter plekke voor u gegenereerd. Ik heb het bij éénlettergrepige woorden gelaten, want dat is al pret voldoende en het zal u vrij snel duidelijk worden dat het systeem enorm primitief is en geregeld in abominabele klankclusters resulteert die alleen nog maar erger zouden worden als je het aantal lettergrepen opvoert. Er moet altijd nog eens een taalkundig verantwoordere versie komen. Wie weet hoort u daar nog van. Over een jaartje of vijf ofzo.
Altijd maar zon in dit land, bah! Nooit eens een lekkere plensbui waar iedereen van opfrist. Ha, maar geen terneerslag, er is aan gedacht. Gewoon de jaloezieën dicht en fijn met een kom rooibos (of groen-, als het uw ding is) achterover onderstaand tafereel (klikken voor nog iets grotere versie) op u in laten werken. En dan dit geluid erbij op de achtergrond. Haaa, heerlijk.
Woepwoep, nog maar iets meer dan een miljoen kilometer en de mooie Plutoplaatjes gaan binnen komen gaan staan stromen! Dat wil zeggen, het èchte HD-werk blijkt pas in september te volgen omdat het even duurt om de enorme hoeveelheden data binnen te halen c.q. bewijzen van buitenaards leven weg te shoppen, maar niettemin zal het materiaal van morgen een blinkende kroon zijn op de stapvoetsgewijs steeds onthullender foto’s van de afgelopen maand.
Maar dan iets heel anders. In mijn vorige Plutopost stond een linkje naar krantenartikelen uit 1930 van toen de nieuwe planeet net ontdekt en benaamd was. Zoals u inmiddels vast hebt opgevangen was het een 11-jarig meisje uit Oxford dat met ‘Pluto’ op de proppen kwam (update: of toch niet?), waar op zijn beurt Mickeys hond weer naar is vernoemd en niet andersom. Maar in meerdere van bovenvermelde artikelen trof ik de eigenaardige mededeling dat het bolleke onder een dubbele naam de annalen in zou gaan, namelijk die van Gänsefuss Pluto:
Gänsefuss? Heu? Kennelijk de een of andere astronoom die aan Pluto’s ontdekking heeft bijgedragen, en wiens naam later op de een of andere manier weer in de vergetelheid is geraakt. Declaratiefraude, doofplotten, eersmaad? Misschien zelfs invloeden van bepaalde indertijd populaire groeperingen met bepaalde enge denkbeelden omtrent mensen met bepaalde achternamen? Of gewoon domweg omdat zo’n dubbele titel nou niet specifiek vlot bekt?
Maar nee, de oplossing is van veel verblijdender aard. Blijkt dus dat als je nog wat verder delpht (m’hah) naar ‘Gänsefuss’, je op het volgende stuk van een jaar na dato stuit. Ziedaar de ontrafeling van ons raadsel, helemaal aan het eind:
Sic! Haha, geweldig; nee, dat wist ik dus niet nee. Waarmee maar weer bewezen is: in 1930 had je ook mensen. Ik kan niet wachten tot de flyby van de bij-planeten Klammeraffe Quaoar en Hashtag Haumea.
Update 23-9-2015: Dat u soms niet dacht dat alleen ouwe kranten kampen met ganzenvoetjes. Ook de digitale media blijken er soms niet aan te ontkomen.
Addendum: Govert Schilling – die ik de vraag had gemaild om vervolgens vijf minuten later zelf het antwoord te vinden – vindt ’m ook leuk:
Update 14-7-2015. Boem!
(En da’s notabene nog maar een composiet van gisteren. De (nòg) betere plaatjes komen waarschijnlijk morgen pas, want ook al heeft de flyby inmiddels plaatsgevonden, het duurt zoals vermeld even voordat de data ook daadwerkelijk hier is. Vergeet niet dat Pluto ongeveer vijfeneenhalf lichtuur van ons verwijderd is, en dan moet het downloaden dus nog beginnen. Wees blij dat zo’n scheepje niet eerst weer negen jaar terug moet vliegen en vervolgens blijkt dat het dopje nog op de lens zat.) Update 15-7-2015: Wham!
En laten we niet vergeten dat meneer ook manen heeft:
Charon
Hydra
Nix
Update 17-7-2015: Vogelvluchtbeeld!
Update 21-7-2015 (niet dat iemand het nog zal lezen): Meer rauwe beelden!
Hapje uit Pluto’s hart
Nix (l) blijkt zuurtje
En als toegift: Pluto in 3D. Instructies: scheel kijken, maar dan andersom.
Update 25-7-2015: Pluto’s dampkring bij tegenlicht:
Laatste update, 24-9-2015: En dat er inmiddels nog veel mooiere plaatjes binnen zijn weet u denk ik wel. U gelieve het vervolg daar verder te volgen; over en sluiten wat betreft Plutobeeldmateriaal hier! (Tenzij ze natuurlijk bijvoorbeeld een geometrisch zwart blok steen vinden dat liedjes van Ligeti zingt.)
Wat voor muziek vind jij leuk dan? Tot op heden kan ik daar eigenlijk geen coherent antwoord op geven; eerder wat ik geen leuke muziek vind, en zelfs dan nog schend ik geregeld mijn eigen ‘alles met “rock” erin is stom’-afbakeningen. Daarom hier een driegreep uit de verskes die momenteel in mijn hitlijstje draaien; misschien dat u er een lijn in kunt ontdekken.
Messages van Xavier Rudd (met tweede stem en zonder dat andere nummer erdoorheen vind ik ’m eigenlijk mooier, maar daar is dan weer geen livebeeld van). Eigenlijk nooit goed naar de tekst geluisterd, dat heb ik wel vaker:
God yu tekkem laef blong mi, een christelijk liedje in de fascilarische Pidgin-taal van de Solomoneilanden (God, you take’m life belong me, heeft u ’m?), uitgevoerd door Russische studenten:
Stadtaffe van Peter Fox, m.i. onterecht in de schaduw komen te staan van zijn grote hit Alles Neu, dusdanig zelfs dat er nooit een officiële clip bij is gemaakt:
(Wat-ie tegenwoordig doet is ook niet gek trouwens.)
Ha! Wist u dat de krul, voor goedgedane schoolopdrachten enzo, een louter Nederlands verschijnsel is? Wist ik niet namelijk, maar een Engelstalig iemand reageerde op onderstaand filmpje met de vraag ‘wat dat vreemde symbool is dat jullie gebruiken in plaats van de tick’ (✓):
De krul dus. Vermoedelijk alleen in Nederland doorgedrongen vanwege die al even karakteristieke andere krul ter doening van bepaalde behoeften, waar zoals u weet van oorsprong twee geüniformeerde retiradeurs naast geposteerd stonden die moesten controleren of de onderhavige gebruiker de boel wel proper had achtergelaten en navenant een desbetreffend symbool in diens speciaal daarvoor bedoelde ‘closetboekje’ aanbrachten en als je zeven krullen had mocht je gratis. (Drabkikker. Belachelijke etymologieën terwijl u wacht.)