Zelfvoorzienende slavinken

Hier dan nog even rap de aandacht aan twee rare woorden: zelfvoorzienend en slavink.

Zelfvoorzienend is raar omdat er een –en– teveel in staat: zelfvoorziend was al voldoende geweest.

Slavink is raar omdat ik u uitdaag een woord te vinden met een nòg bizardere etymologie:

Neologisme, in april 1952 geïntroduceerd door de Larense slager Ton Spoelder in samenwerking met J. Boerwinkel, directeur van de Internationale Keurslagersorganisatie, voor het snel-klaarproduct dat hij toen op de markt bracht en dat naar zijn zeggen lekker smaakte bij de sla en leek op een vink. De slavink had een korte braadtijd en werd aangeprezen als zomers vleesproduct dat zeer goed paste bij sla en andere voorjaars- en zomergroenten: Er is volop Sla. Geniet nu eens van een lekker aangemaakt kropje Sla met heerlijke gebraden Slavinken [,] iets nieuws, waar U Uw tong bij inslikt [1952; Texelsche Courant]. De slavink werd in Nederland al gauw zeer populair. Het tweede lid is gevormd naar analogie van de oudere blinde vink ‘gehakt opgerold in een lapje (kalfs)vlees’.
Vink als benaming voor een stukje vlees, naar de kleine en gedrongen vorm van een vink, is al ouder: vnnl. plockte vinken, potpasty ‘soort stoofschotel’ [1567; Nomenclator 94b], vincken, plocke vincken ‘id.’ [1599; Kil.], nnl. vinken “vleesch aan kleine vierkante stukjes gesneeden” [1710; Halma NF]. Volgens een oud volksgeloof zongen vinken het best wanneer zij blind gemaakt werden: Als de Vink blind is, zoo zingt hy best [1636; iWNT vink]; nog tot in het begin van de 20e eeuw werd vinken daartoe bewust mishandeld: de blinde vink als benaming voor het vleesproduct [1899; Matthey 2002], in BN loze vink genoemd, kan dus een connotatie van kwaliteit zijn.
Volgens EDale en WNT Aanv. is het eerste lid sla de stam van het werkwoord slaan, omdat het zingen van vogels van oudsher ook wel slaan wordt genoemd: de quackel slaet int coren [ca. 1540; iWNT slaan]. Inderdaad komt slagvink voor als gewestelijke volksnaam voor de vink, maar slavink niet.

(Etymologisch Woordenboek van het Nederlands)

Volvo bestraft lesbische zomerlinde

Update maart 2016: Wie bakt het beste teletekstsonnet?

Bekijk eens de volgende Vlaamse teletekst-pagina’s. Valt u iets op?

Ziet u het? Niet op de inhoud letten, maar op de opmaak. Precies! De regels zijn allemaal even lang!

‘Ja, en?’ hoor ik u verveeld tegenwerpen, ‘Dat heet uitvullen’. Maar nee, beste lezer! We hebben immers met een monospace lettertype te maken, waarbij elk teken (inclusief de spatie) dezelfde breedte heeft; hou er maar een liniaal verticaal langs. Dat betekent dat alle regels uit hetzelfde aantal tekens bestaan. Elke regel is exact 35 tekens lang!

Beseft u wat dit inhoudt? Er is dus bij de Vlaamse teletekst iemand in dienst die voor elk afzonderlijk nieuwsfeit tijd en moeite loopt te steken in een staaltje inventief formuleren van heb ik jou daar, louter om te zorgen dat het kopje op 35 tekens uitkomt! Terwijl dat helemaal nergens voor nodig is!

Van zoiets wordt een mens toch op slag vrolijk? Absent Martian (die dit ontdekte) en ik wel tenminste.

Update 30-6-2010: Uiteraard zijn we niet de eersten die dit ontdekken: hier bijvoorbeeld ook een stukje.

Drabkikker is drukbezet

Dag trouwe volgelingen. Ja, dat jullie niet denken van, die Drabkikker heeft zijn brui aan de wilgen gegeven, maar ik weet gewoon even niks, qua blog. Zal ook wel van de hitte komen, en doordat ik het ongans druk heb ook gewoon vooral. Waarmee? Wel, bijvoorbeeld met het voorbereiden van werkgerelateerde reisplannen. Volgende week vlieg ik naar Irak, twee weken daarop naar Zweden. Ja, ik weet ook niet hoe ik daar nou weer in verzeild ben geraakt. Iets met oude Arameeërs en taalkundepuzzels (respectievelijk). En vooraf aan dat alles word ik nog jarig ook, zodat mijn tuin drastisch gewied moet worden want anders denkt iedereen van, die Drabkikker wiedt zijn tuin niet. U begrijpt dat er op zo’n manier niet bijster veel van bloggen komt.

Borát: Een lied voor de vissers

Tijd voor muziek. De Vissers zingen het onovertroffen lied “Dat is toch geen vis man, dat is een schelpdier”.

Er was laatst een visser al achter de pier
Die had maar één arm en die ander was niet hier
Hij zat daar te vissen, vertrok er geen spier
Dat is toch geen vis man, dat is een schelpdier (2x)

Vraag hem dan: Visser, waar is toch uw arm?
Hij zegt: Die ben ‘k verloren al in een zeearm
Ik kon het goed zien want er hing nog een spier
Dat is toch geen vis man, dat is een schelpdier (2x)

De blog of het blog?

Even terzijde dat ik het woord blog een beetje vies vind klinken maar het bij gebrek aan een kernachtig alternatief toch maar gebruik, zou ik het vandaag willen hebben over het bijbehorende lidwoord. Wat vindt u? Is het het blog of de blog?

Ik zeg zelf het blog. Maar waarom ik daar de voorkeur aan geef zou ik niet direct weten; mogelijk zit er een redenatie achter à la ‘blog komt van weblog, log komt van logboek, boek is een het-woord, dus blog ook’. Maar je komt minstens zo vaak de blog tegen, en ook dat is prima te onderbouwen: (we)blog is een Engels leenwoord, en die krijgen meestal het lidwoord de. Het lijkt erop dat beide opties even goed zijn; Onze Taal vindt dat ook.

Sommige woorden kun je nu eenmaal op meerdere manieren zeggen. Zie bijvoorbeeld ook auwto/oto, puzzel/puzel, het matras/de matras. Het is bij dit soort dingen een grappig verschijnsel dat aanhangers van de ene optie zich altijd enorm fel tegen de andere optie keren: ‘Het is tractor! Trekker is LELIJK en FOUT en de mensen die dat zeggen al HELEMAAL!’. Maar over het algemeen is er voor beide opties evenveel (of liever: even weinig) te zeggen. De beweegreden is meestal dezelfde als die voor het lidmaatschap van een bepaalde voetbalclub/politieke partij/geloofsgemeenschap: ‘X is goed omdat ik X doe, en ik doe X omdat ik dat altijd al doe, en dus is X goed, en Y niet.’

Kortom: mensen die de blog zeggen zijn stom. Ook al zijn ze in de overgrote meerderheid. Mensen die deze blog zeggen in plaats van dit blog zijn daarentegen juist stom omdat ze tot de minderheid behoren.

Slechte onomatopeeën: vuvuzela

U kunt er bijna niet omheen kunnen, dezer dagen: de Zuidafrikaanse plastic voetbaltoeter die vuvuzela heet. Ik zal hier verder niet uitweiden over de antropologisch fascinerende gedragingen die een verschijnsel als “WK” in de homo sapiens losmaken, maar me beperken tot de fonetische eigenaardigheden van die naam vuvuzela.

De oorsprong van het woord wordt, aldus Wikipedia, bedisputeerd, maar het komt mogelijk uit het Zulu:

It may originate from the Zulu for “making noise,” from the “vuvu” sound it makes

Als dit correct is, dan solliciteert het woord vuvuzela naar de àllermisluktste onomatopee van de afgelopen twintig jaar. Een vuvuzela, dames en heren, doet niet “vuvu”. Een vuvuzela doet POEWÁÁAAAAAAHRP!!@!!#!

Hoe krijg je het voor elkaar een ding dat zo’n godskabaal maakt een naam te geven die aan het zachtaardig zoemen van een hommel doet denken? Een vuvuzela, had u mij dit drie maanden geleden gevraagd, is een lieflijk strijkinstrument met snaren gemaakt van watten, die voor het bespelen eerst in honing worden gedrenkt. Niet een bazuin van het type waar ze vroeger stadsmuren mee omver bliezen.

Soort van update 16-6-2010: Dit stukje schreef ik voordat de wedstrijden waren begonnen en ik vuvuzela’s alleen nog maar solo had aangehoord. Het blijkt dat als je er een paar honderd bij elkaar zet het geluid ineens best wel iets van een hommel heeft. Of liever, een hele grote zwerm onaangenaam gemuteerde killer bumble bees.

Vlinder

Ababang, abaga, abè, abèbe, abey, afafranto, akipepeo, alibangbang, aliñuahi, angiak, awadapepe, babaiana, babochka, balanbaalis, bangikoi, barutha, bataplai, bayboum, bébe, bembe, bidilallah, bilach’a, bilatishu, bili bala, billambilloot, bilyululijga, bimbilo, birabira, birrabirro, bofertoto, borboleta, bude littafi, bulubulu, buom buom, butterfly, buttorfleoge, buwa, caqelngataq, chetakoka chiluka, chitta, chocho, choo, chou chou, chuani, chuturast, dealan-dé, dearbadan-de, dhad’hama, dimago, drugelis, dyekpakpa, eporiporit, falter, farasha, farfalla, farfett, fartattu, fefe, fefe-fefe, feileacan, fertito, fidrildi, fifoldara, fjäril, flaterl, flutura, fluturi, follican, gloyn byw, gorgoleta, hacokpalpa, hevavahkema, ho diep, ho’o neno, hu die, hu-tieh, ibhabhathane, ici-pempele, ikinyugunyugu, inkongolo, iveveshane, iyenye, k’aalogii, kaba-kaba, kakupo, kalidungudungul, kalpakalpay, kamama, kaperka, kau-bebe, kelebek, kelebek, kelivangbang, kifurute, kihuruta, kimbalut’ya, kimimi, kimimila, kipouzala, kokaa, kübelek, kulibangbang, kungu-urumu, kupu, kupukupu, kutuu, kwarikwaringa, labalaba, lapia, lemtutu, lepetka, lepke, pillango, leptir, liblikas, lilldeh, limpempele, lumbebeba, lupe lupe, luvivane, maingkabula, mantech, mariavolavola, mariposa, marlimarlirni, masivie, matylok, meng kabeua, meng peeseua, metelyk, metulj, miimiiges, motyl, mpornboli, mukaw, nabi, nahby, nam, nipwisipwis, npau npaim, oguyo, olookolombooka, onanga, osampurumpuri, pakho, palapala, palmandook, paloma, palometa, palomica, papalló, papalotl, papilio, papilio, papillon, pardirr, paroparo, parpar, paru-paro, parvanè, parvaneh, patangeo, patangiyu, pattampoochi, pempem, pepe, pepeké, pepela, pepen, pepeo, peperooda, peperootka, peplim, perhonen, petalou’da, peteliske, phapharati, phoolpaharu, phulpakhru, pi sugnya, pilimpiko, pillangok, pilpintu, pinpilinpauxa, pinpirin, pirpintu, pkolinouhoin, pojoaque, poompatta, prajapathi, prajapati, projapoti, psyche, pucharlar, pulelehua, pürpüruk, putali, rama rama, samanalaya, Schmetterling, sepirek, serurubele, serurubele, serurubele, shavishavi, showparak, sikapempenya, sitakoka chiluka, skoenlapper, skurvefugl, sommerflue, sommerfugl, sororomele, taparacu, taqalukisaq, taurins, tauriøð, teeter, teeterneeg, teeternig, tèfètuth, titer, titili, titli, tsangwelht’ah, tsenblale, tsimblalee’a, tsoapu, tximeleta, ukulukula, urubamba, uvemvane, vannattuppucci, vlinder, volvoreta, vrievran, woo deep, xatimniim, ya-a, yenjè, zanimo, zomerfeygel.

Lees nou voor de grap eens een stukje van deze lijst hardop voor. Heeft u ooit zo’n grote verzameling van woorden meegemaakt die vrijwel allemaal lief klinken? Dat komt omdat ze allemaal ‘vlinder‘ betekenen.

Het lieve zit hem in het feit dat bijna alle woorden in de lijst voldoen aan de karakteristieken van peutertaal: de meest eenvoudige klankstructuren, geordend volgens de meest basale klinker-/medeklinkerpatronen, en bovenal: herhaling. De wijze waarop vlinders zich voortbewegen is de meeste volkeren duidelijk niet ontgaan, gezien de talloze imitaties van vrolijk fladderende vleugels die we aantreffen. Loop de lijst langs en u valt van de ene reduplicatie in de andere. (Mede)klinkers die worden herhaald (fidrildi, poompatta, ukulukula, gorgoleta, papillon), lettergrepen (pepela, ibhabhanathe, lumbebeba, nipwisipwis, kwarikwaringa), of zelfs hele woorden (kaba-kaba, rama rama, birabira, bulubulu, labalaba). Is het niet onuitsprekelijk aandoenlijk dat een dier zo’n universele aanspraak op onze kinderverwondering doet?

Andere volkeren kiezen niet voor imitatieve namen, maar voor beschrijvende. Er is een soort mythe dat vlinders een voorkeur voor, dan wel het uiterlijk van zuivelproducten zouden hebben, hetgeen butterfly en Schmetter(= zure room)ling verklaart. Vlinder is volgens het EWN ofwel imitatief in dezelfde hoek als fladderen, ofwel gaat terug op flinter, doelende op de tere vleugeltjes. Dat vlinders niks met winter hebben komt terug in het Deense sommerfugl en het wondermooie Jiddische zomerfeygel. Bij zo’n woord wil je toch ogenblikkelijk sopraansax leren spelen?


Instant update: Behalve lief zijn sommige vlinders ook nog eens kickass retecool: moet u eens gaan kijken hoe de vleugels van de Morpho aan hun felblauwe kleur komen.

Planten (PG-13)

Nu ik een tuin heb begint het op te vallen hoe weinig ik eigenlijk van planten weet. Ik bedoel, ik begrijp dat ze graag zonlicht en water hebben en dat ze soms euphorbia heten en dan weer oleander, maar mijn kennis kan op zijn zachtst gezegd fragmentarisch worden genoemd. Hoe onderscheid je kruid van onkruid? Waarom gaat een plant dood als je hem in oktober verpot? Waarom gaat mijn kat dood als hij van mijn euphorbia eet? Vragen, vragen.

Gelukkig is er het internet, waar men het geweldige Plants Are The Strangest People kan vinden. Het enige plantenblog ter wereld met een Parental Guidance-label. En met een handige Houseplant Toxicity Index. Zo blijkt dat euphorbia’s Dangerous zijn, en oleanders Crazy Super Dangerous. Planten zijn leuk!